Codex Studiosorum Bruxellensis
Jucheidi
M: 'Studio auf seiner Reis'
De student is vrolijk man, Jucheidi, jucheida, Zingt en drinkt zoveel hij kan, Jucheidi, heida Springt en lacht maar altijd voort, En kent nergens droevig oord,
Jucheidi, jucheida,(TER)
Jucheidi, heida
Volgende strofen worden op analoge manier gezongen
Komt hij ene herberg in, Hij drinkt immer blij van zin En is 't met het geld gedaan Nog blijft zijne pret bestaan.
Er blijft hem zo menig woon, Waar men bier schenkt zonder loon, En daarbij nog menig vriend Die hem graag tot gastheer dient.
Daarom zingt hij op de straat, Blijde zangen vroeg of laat, Minnend elke schone maagd Die hem naar zijn hartje zaagt.
Munich, Hop, Lambik of wijn, 't Kan hem nooit te vele zijn, Altijd heeft hij honger, dorst, Wijl hij zingt uit volle borst.
En zo leeft hij vrolijk voort, In het schoon studentenoord, Tussen boek en pijp en pint, Waar elk meisje hem bemint.
Overal de vlag in top! Held're ogen, warme kop, En de strijdzang langs de ree: "Vliegt de blauwvoet? Storm op zee!"
Leefden wij nog honderd jaar, Nooit en rouwde 't onze schaar, Al ons doen voor 't Vlaamse diet, 't Gildeleven, 't Gildelied.
Fout gevonden
Bezoek het forum om fouten te melden aan de redactieraad.
© Codexfonds 2008