Codex Studiosorum Bruxellensis
De Torenspits van Bommel
M: 'Gertjie'
De torenspits van de St. Maartenskerk van Zaltbommel brandde twee keer af en werd na 1696 nooit meer heropgebouwd.
In die grote stad Zaltbommel, bommel, Heerste grote watersnood, watersnood En zo menig arme drommel, drommel Die niet zwemmen kon ging dood.
Maar te midden van die rommel, rommel Staat de torenspits van Bommel, Bommel
(BIS)
Op een vlot van oude planken, planken Zat een oude herdershond, herdershond Heel erbarmelijk te janken, janken Omdat hij zijn baas niet vond, niet vond.
Een matroos met houten benen, benen En een gestreepte zwembroek aan, zwembroek aan Zat erbarmelijk te wenen, wenen Omdat hij ook zou vergaan, vergaan.
In een mand vol verse broodjes, broodjes Lag des bakkers jongste kind, jongste kind Spartelend met blote pootjes, pootjes G'hoorde het uren in de wind, de wind.
Op een ton met houten banden, banden Zat een brouwer dik en fier, dik en fier Hij wreef zich juichend in de handen, handen Hij had nu water voor zijn bier, zijn bier.
Een heel regiment soldaten, soldaten En een eskader van de vloot, van de vloot Wierpen blindelings granaten, granaten En ze zopen zich haast dood, haast dood.
Fout gevonden
Bezoek het forum om fouten te melden aan de redactieraad.
© Codexfonds 2008